Japan – 2018

Japan als bestemming in de herkansing. In 2011 werd de kersvers geboekte reis daags erna weer geannuleerd vanwege de Tsunami. Wetende dat in 2019 de terreinauto voorgoed uit de stalling komt, kiezen we voor een land met conventioneel vervoer: Japan. Het werd een veelzijdige reis die hoog in onze ranking van top-bestemmingen staat.

Er zijn reizen waarbij je vooraf al het gevoel hebt dat het bijzonder gaat worden. Niet omdat je precies weet wat je gaat zien, maar omdat je voelt dat het anders gaat zijn dan alles wat je kent. Japan is zo’n bestemming.

Luxe
Het begint nog vrij nuchter: Schiphol, een vliegtuig, een lange vlucht. Nou ja, nuchter, we vliegen dit keer business class. We hebben heel vroeg geboekt waardoor we van een mooie aanbieding gebruik konden maken. Wij laven ons aan champagne en lekker gerechten. Nog een filpmje en dan heerlijk slapen. Duizenden kilometers verder, een compleet ander tijdritme, en ineens sta je daar. Tokio. Een stad die je niet even binnenwandelt, maar die je overneemt. Alles beweegt, alles knippert, alles leeft – en toch lijkt iedereen exact te weten waar hij heen moet.

Tokio
In Shinjuku, met een van de drukste stations ter wereld, sta je als buitenstaander midden in een systeem dat perfect werkt. Mensenstromen die zich als vanzelf organiseren, treinen die op de seconde rijden, en jij die probeert te begrijpen hoe je überhaupt van spoor A naar uitgang B komt.

De eerste dagen zijn een onderdompeling. Tempels en schrijnen, zoals de Meiji Shrine, liggen verscholen tussen het groen en geven je ineens een inkijkje in een wereld die eeuwen ouder is dan de stad eromheen. Even later sta je weer in Ginza, omringd door luxe winkels en moderne architectuur. Dat contrast is Japan in een notendop: oud en nieuw bestaan hier niet naast elkaar, maar door elkaar.

Culinair
En dan is er eten. Elke dag iets anders, elke maaltijd een ervaring. Van eenvoudige noedelbars waar je in alle stilte je ramen eet, tot kleine sushi-zaakjes waar de vis verser is dan je ooit hebt geproefd. Op straat ruik je gegrilde yakitori, in markten zie je dingen waarvan je niet eens weet dat ze eetbaar zijn, laat staan hoe je ze moet bestellen. Het mooie is: het maakt eigenlijk niet uit. Je wijst iets aan, knikt beleefd, en het komt altijd goed.

Nikko
Na een paar dagen stad verandert het tempo. De auto wordt opgehaald, en ineens begint een ander soort avontuur. Links rijden, verkeer dat anders reageert, en wegen die steeds rustiger worden naarmate je verder de stad uit rijdt.
Het landschap opent zich langzaam. De drukte van Tokio verdwijnt en maakt plaats voor bergen, bossen en stilte.
Nikko is de eerste kennismaking met het traditionele Japan buiten de stad. De Toshogu tempel, met zijn goud en details, is bijna overweldigend. Alles aan dit complex is gemaakt om indruk te maken, en dat lukt. Tegelijkertijd is het de omgeving – de rust, de natuur – die de echte impact maakt.

Alpen?
Vanaf hier begint het rijden waar je eigenlijk voor gekomen bent: de Japanse Alpen.
Smalle wegen slingeren door het landschap, langs bossen, rivieren en kleine dorpen waar het lijkt alsof de tijd heeft stilgestaan. Het is geen rijden zoals in de Alpen in Europa, waar alles groots en uitgesproken is. Hier is het subtieler. Rustiger. Maar niet minder indrukwekkend.
Matsumoto-jo, een van de oudste houten kastelen van Japan, staat daar bijna onverwacht tussen. Een herinnering aan een tijd waarin alles draaide om verdediging en macht. Nu is het een plek om rond te lopen, te kijken en even stil te staan.

Herbergen
De overnachtingen onderweg maken de ervaring compleet. Ryokans. Het is moeilijk uit te leggen wat een ryokan precies is, tot je er zelf verblijft. Bij binnenkomst gaan je schoenen uit. Je loopt verder op sokken of op pantoffels, en ineens verandert alles. De kamer is eenvoudig, maar perfect in balans. Tatami matten op de vloer, schuifdeuren van rijstpapier, en ’s avonds worden futons uitgerold waar je op slaapt. Geen bedden, geen overbodige luxe – alleen wat je nodig hebt.
Je krijgt een yukata aangereikt, een soort lichte kimono, waarin iedereen rondloopt. In eerste instantie voelt het wat ongemakkelijk, maar al snel ga je erin op. Het wordt normaal.
En dan is er het eten. Een diner in een ryokan is geen maaltijd, maar een ceremonie. Kleine gerechten, perfect opgemaakt, elk met zijn eigen smaak en betekenis. Vis, groenten, rijst, soms dingen waarvan je niet precies weet wat het is, maar die verrassend goed smaken. Alles wordt met aandacht geserveerd, en je merkt dat eten hier iets is om de tijd voor te nemen.
Na het eten ga je naar de onsen – het warme bad. Een ervaring op zich.
Voor je het water ingaat, was je jezelf grondig. Daarna stap je in het warme water, soms binnen, soms buiten, omringd door de natuur. Het water is heet, bijna te heet, maar na een paar minuten zakt je lichaam erin weg en verdwijnt de vermoeidheid van de dag.

Beste WC’s ooit
En dan de toiletten. Ja, zelfs die zijn bijzonder. Waar je ook komt, toiletten zijn high-tech. Verwarmde brillen, knoppen waarvan je niet precies weet wat ze doen, en functies waar je thuis niet eens aan denkt. Het zegt veel over Japan: zelfs de kleinste details zijn doordacht.

Kyoto
De reis gaat verder via Takayama en traditionele dorpen zoals Shirakawa-go, waar de karakteristieke huizen met rieten daken eruitzien alsof ze rechtstreeks uit een geschiedenisboek komen. Daarna richting Kyoto, waar de reis opnieuw van karakter verandert.
Kyoto is rustiger dan Tokio, maar misschien wel indrukwekkender. Tempels, schrijnen, geisha-wijken – overal voel je de historie. We verkennen de stad op de fiets, en dat bevalt goed. Er zijn zelfs fietspaden!
Het Gouden Paviljoen weerspiegelt in het water, de rode torii-poorten van Fushimi Inari lijken eindeloos door te lopen, en in Gion hoop je stiekem een geisha tegen te komen. Hier lijkt alles vertraagd, maar tegelijk gebeurt er nog steeds van alles.
En dan Mount Koya. Misschien wel het meest bijzondere deel van de reis. Een heilige plek, midden in de bergen, waar het tempo volledig verdwijnt. Je slaapt in een tempel, eet vegetarisch zoals de monniken dat doen en neemt deel aan rituelen die al eeuwen hetzelfde zijn. Hier is geen haast. Alleen rust. Die rust maakt het contrast met de volgende dagen des te groter.

Even stil
Hiroshima. Een stad die je anders binnenkomt dan alle andere plekken. Het Peace Memorial Park, de Genbaku Dome, de herinneringen aan 6 augustus 1945 – het is indrukwekkend op een manier die moeilijk te beschrijven is. Niet omdat het groots is, maar omdat het stil maakt. Het besef wat hier gebeurd is, en hoe de stad zich weer heeft opgebouwd, blijft hangen.
In Nagasaki, waar een vergelijkbare geschiedenis ligt, voel je dat opnieuw. Twee steden, twee verhalen, maar dezelfde impact. Dit zijn momenten waarop de reis even stopt met “leuk” zijn en meer wordt.
Serieus. Indrukwekkend. Respectvol.

Warme bronnen
Daarna gaat het leven weer verder. Via het zuiden van Japan, naar plaatsen als Beppu, waar stoom en warmte uit de aarde komen alsof je op een andere planeet bent. Kokende bronnen, dampende landschappen – natuur die letterlijk leeft.
En dan Aso. Een enorme vulkaan, met een krater zo groot dat het bijna niet te bevatten is. Hier voel je hoe klein je eigenlijk bent. Het landschap is open, ruig en indrukwekkend.

Via Nagasaki en Fukuoka komt de reis langzaam tot een einde. Nog één keer genieten van het eten, de sfeer, de mensen. Nog één keer dat gevoel dat alles anders is dan thuis. En dan is het voorbij. Terug naar Nederland, waar alles weer vertrouwd is.

Japan laat zich niet samenvatten in een lijst met bezienswaardigheden. Het zit in de details. In de manier waarop mensen bewegen, eten, leven. En terwijl je thuis zit en het roadbook nog eens doorbladert, besef je één ding heel duidelijk: dit was geen reis die je “afgevinkt” hebt, dit was een reis die je nog steeds een beetje bij je draagt

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *